Menu Sluiten

“Bewegen moet routine worden, net als elke dag tanden poetsen”

Bas van de Goor in de videocall met (op de rug) minister Van Rijn en staatssecretaris Blokhuis. 
Beeld ANP

Interview met Bas van de Goor, oprichter en directeur van de Bas van de Goor Foundation (de Nationale Diabetes Challenge is één van de activiteiten van de Bas van de Goor Foundation.

Het plan tegen bewegingsarmoede krijgt een vervolg. Oud-volleyballer Bas van de Goor sprak erover met bewindslieden.

Eigenlijk was het gesprek met minister Martin van Rijn en staatssecretaris Paul Blokhuis op voorhand al bijna een gewonnen wedstrijd. Deze bewindslieden van volksgezondheid en sport zelf hoeven niet overtuigd te worden van het belang van sport en bewegen voor de samenleving. Toch was Bas van de Goor na de videocall opgetogen. 

“Ons doel is dat ons initiatief breed gedragen gaat worden door allerlei ministeries. Dat krijgt nu een vervolg. Het ministerie van VWS gaat een overleg regelen met ook de ministeries van onderwijs, sociale zaken en economische zaken erbij. Dat vinden wij een heel positieve stap. Het stimuleren van bewegen moet structureel onderdeel worden van het beleid op al die terreinen. Volgend jaar zijn er verkiezingen en wij hopen dat dit via de verkiezingsprogramma’s een prioriteit wordt in het regeerakkoord.”

De 48-jarige olympisch volleybalkampioen van Atlanta in 1996 is al vele jaren vanuit zijn eigen stichting bezig sporten te promoten bij mensen met diabetes. Onlangs deed hij met zes andere prominenten een oproep aan samenleving en politiek. Nederland móet de huidige bewegingsarmoede gaan bestrijden om nog grotere problemen in de toekomst te voorkomen, stond in het pamflet ‘Bewegen, het nieuwe normaal’. Ondertekend door Van de Goor, Guus Hiddink, Joop Alberda, Louis van Gaal, Epke Zonderland, Sarina Wiegman en neuropsycholoog Erik Scherder.

De coronatijd maakte de noodzaak van een gezondere leefstijl nog eens duidelijk, zegt Van de Goor. Onlangs bleek uit onderzoek van het Mulier Instituut dat het percentage volwassenen dat helemaal niet sport in de eerste Coronaperiode van 13 naar 18 procent steeg. En 38 procent was minder gaan bewegen. “In deze periode zie je extra duidelijk welke groepen verhoogde risico’s lopen. Het gaat om chronische aandoeningen zoals diabetes en om overgewicht”, zegt Van de Goor. Hij noemt wat cijfers: 50 procent van de Nederlanders is te zwaar, bij 14 procent is sprake van zwaar overgewicht. Gevolgen: meer hart- en vaatziekten, meer diabetes en andere aandoeningen.

“Door meer te bewegen, niet te roken en gezond te eten kun je heel veel voorkomen. Maar het blijkt lastig om het belang van bewegen bij iedereen tussen de oren te krijgen. Niet iedereen heeft een passie voor sport. Mensen associëren dat met een kort broekje, met winnen of verliezen. Dat weerhoudt ze. Wij willen heus niet van elke Nederlander een sportfanaat maken. Denk wel aan elke dag fietsend of wandelend naar je school of werk. Dat is van niet te onderschatten belang. Als je elke dag vijf kilometer fietst, zit je al boven de minimale norm.”

Sommige mensen hebben gewoon geen zin om te gaan sporten.

“Ik ben zelf nu ook gewoon recreant, ’s avonds heb ik ook af en toe moeite om van de bank af te komen. Ik besef dat het niet voor iedereen gemakkelijk is. Voor je gevoel moet je in de eerste fase alleen maar tegen een steile berg oplopen. Maar als het lukt daar doorheen te komen en als bewegen structureel in je patroon zit, dan komt de succesbeleving. 

“Een huisarts of werkgever kan hier ook een belangrijke rol in spelen. Je kunt mensen best stimuleren meer te fietsen, maar soms is de verleiding om toch weer de auto te pakken te groot. De kunst is om er echt routine van te maken. Zoals je ook altijd twee keer per dag je tanden poetst.”

Zouden profvoetballers hiervoor niet kunnen worden ingezet, in ruil voor overheidssteun?

“Ik denk dat dat heel goed kan. Volleybalinternationals geven al clinics op scholen. Voetballers zouden er sympathie mee kunnen winnen. Er is een groep mensen in de samenleving die het leuk vindt om naar voetbal te kijken, maar moeite heeft de eigen leefstijl te veranderen. Als een speler van jouw favoriete club in jouw straat komt om twee kilometer te gaan wandelen, ben je sneller geneigd om mee te doen.

“De KNVB zou dit samen met de clubs kunnen overleggen. Maar wij gaan zo’n idee niet van bovenaf lanceren. Dat werkt niet. We willen iets op gang brengen, zodat organisaties en overheden zelf met initiatieven komen. Dan is het van henzelf. Dit is ook geen plan dat volgend jaar klaar moet zijn.”

Moet er ook extra geld voor komen?

“Natuurlijk, maar ik heb geen idee hoeveel. Dat is een zaak voor de politiek. De VWS-begroting is nu goed voor 90 miljard euro en een flink deel gaat op aan leeftstijlgerelateerde aandoeningen. Daar kun je enorm op besparen. Ook op de kosten voor de ggz, want de effecten van bewegen bij depressies en bestrijden van sociale isolatie zijn evident.”

Trouw-columniste Marijn de Vries stelde al voor een minister van bewegen aan te stellen.

“Ik heb de column gelezen. Maar wij willen nu juist niet dat bewegen een apart beleidsterrein wordt, maar onderdeel wordt van het beleid van allerlei ministeries en gestimuleerd wordt door leraren, verpleegkundigen, huisartsen en werkgevers.”

Bron: Trouw.nl

Translate »